Was dit nuttig?
dechef
zelfstandig naamwoord | Taalniveau: B1 | Verkleinwoord: het het chefje
Leider of hoofd van een afdeling (vaak in de keuken).
Voorbeeldzinnen met het woord chef
- "De chef gaf de instructies."
- "Hij is de nieuwe chef-kok."
- "De chef van de financiële afdeling."
Idiomen
- • Chef zijn
- • Aan de chef vragen
Veelgestelde vragen over chef
- Wat betekent chef?
- Leider of hoofd van een afdeling (vaak in de keuken).
- Op welk taalniveau hoort chef?
- Het woord chef hoort bij taalniveau B1 volgens het Europees Referentiekader (CEFR).
- Wat zijn synoniemen van chef?
- Synoniemen van chef zijn: hoofd, leider, baas.
- Is chef een de-woord of het-woord?
- Chef is een de-woord: de chef.
- Wat is het verkleinwoord van chef?
- Het verkleinwoord van chef is: het het chefje.
Alfabetisch
Gerelateerde woorden bij chef
Gerelateerde taaltips
Yankee: een Nederlands woord dat de wereld veroverde
Hoe Jan en Kees de naam gaven aan een heel volk
Kennen of weten: wat is het verschil?
Twee werkwoorden, één vertaling — leer wanneer je welk gebruikt
Voorkomen of verkomen? Zo gebruik je het goed
Leer de 3 betekenissen van voorkomen + een handig ezelsbruggetje