Hét woordenboek.nlWaar woorden betekenis krijgen
    Inloggen
    Was dit nuttig?

    checken

    werkwoord | Taalniveau: A2

    informeel voor controleren: iets nakijken of verifiëren of het klopt of goed is

    Voorbeeldzinnen met het woord checken

    • "Check even of alle deuren op slot zijn voordat je weggaat."
    • "Ze checkte haar e-mail elke ochtend als eerste."

    Synoniemen van checken

    Idiomen

    • • een oogje in het zeil houden

    Vervoeging van checken

    Ik (nu) check
    Hij/zij (nu) checkt
    Wij (nu) checken
    Verleden tijd checkte
    Voltooid deelw. gecheckt
    Hulpwerkwoord hebben

    Veelgestelde vragen over checken

    Wat betekent checken?
    informeel voor controleren: iets nakijken of verifiëren of het klopt of goed is
    Op welk taalniveau hoort checken?
    Het woord checken hoort bij taalniveau A2 volgens het Europees Referentiekader (CEFR).
    Wat zijn synoniemen van checken?
    Synoniemen van checken zijn: controleren, nakijken, verifiëren.
    Hoe vervoeg je checken in de tegenwoordige tijd?
    In de tegenwoordige tijd vervoeg je checken als volgt: ik check, hij/zij checkt, wij checken.
    Wat is de verleden tijd van checken?
    De verleden tijd (enkelvoud) van checken is: checkte.
    Wat is het voltooid deelwoord van checken?
    Het voltooid deelwoord van checken is: gecheckt.
    Gebruik je hebben of zijn bij checken?
    Bij checken gebruik je het hulpwerkwoord "hebben".

    Delen

    Bladeren op letter