Hét woordenboek.nlWaar woorden betekenis krijgen
    Inloggen

    Woorden met E

    dee-bikezelfstandig naamwoord| Taalniveau: A2

    fiets met elektrische ondersteuning

    dee-commercezelfstandig naamwoord| Taalniveau: B1

    handel via het internet, inclusief aankopen en betalingen online

    hete-learningzelfstandig naamwoord| Taalniveau: B1

    leren via digitale platforms en online cursussen

    dee-mailzelfstandig naamwoord| Taalniveau: A1

    elektronisch bericht dat via internet wordt verstuurd en ontvangen

    hete-mailadreszelfstandig naamwoord| Taalniveau: A1

    uniek adres voor het ontvangen en verzenden van elektronische berichten

    e-mailenwerkwoord| Taalniveau: A1

    een e-mail sturen

    dee-mailhandtekeningzelfstandig naamwoord| Taalniveau: B2

    vaste tekst onderaan een e-mail met contactgegevens

    dee-sportzelfstandig naamwoord| Taalniveau: B1

    competitief gamen op professioneel niveau

    easter eggzelfstandig naamwoord| Taalniveau: B2

    een verborgen boodschap, verwijzing of verrassing die ontwikkelaars in een spel verstopten

    deebzelfstandig naamwoord| Taalniveau: B1

    periode waarop het water terugtreedt van de kust

    ebbenbijvoeglijk naamwoord| Taalniveau: B2

    gemaakt van of gelijkend op ebbenhouten; diepzwart van kleur

    hetECGzelfstandig naamwoord| Taalniveau: B2

    elektrocardiogram: grafische weergave van de elektrische activiteit van het hart

    deechozelfstandig naamwoord| Taalniveau: A2

    beeldvormend onderzoek met geluidsgolven om organen of een ongeboren kind te bekijken

    deechografiezelfstandig naamwoord| Taalniveau: B1

    beeldvormend onderzoek waarbij de baby in de baarmoeder zichtbaar wordt

    deechtgenootzelfstandig naamwoord| Taalniveau: A2

    de man met wie iemand getrouwd is

    deechtgenotezelfstandig naamwoord| Taalniveau: A2

    de vrouw met wie iemand getrouwd is

    hetechtpaarzelfstandig naamwoord| Taalniveau: B1

    twee getrouwde personen

    deechtscheidingzelfstandig naamwoord| Taalniveau: B1

    officiële juridische beëindiging van een huwelijk

    deechtscheidingsprocedurezelfstandig naamwoord| Taalniveau: C1

    officiële juridische procedure om een huwelijk te ontbinden

    deeclipszelfstandig naamwoord| Taalniveau: B2

    verduistering van de zon of maan doordat een hemellichaam ervoor staat

    ecologischbijvoeglijk naamwoord| Taalniveau: B1

    betrekking hebbend op de relatie tussen organismen en hun omgeving

    deecologische voetafdrukzelfstandig naamwoord| Taalniveau: B2

    maat voor hoeveel natuur iemand nodig heeft voor zijn levensstijl

    deeconomiezelfstandig naamwoord| Taalniveau: A2

    vak over productie, handel, geld en economische stelsels

    economischbijvoeglijk naamwoord| Taalniveau: B1

    betrekking hebbend op de economie of op de zuinige en doelmatige omgang met geld en middelen

    hetecosysteemzelfstandig naamwoord| Taalniveau: B2

    systeem van levende organismen en hun leefomgeving die met elkaar in wisselwerking staan

    ecrubijvoeglijk naamwoord| Taalniveau: C1

    een gebroken witte kleur met een lichtbeige of lichtgele ondertoon

    heteczeemzelfstandig naamwoord| Taalniveau: B1

    chronische huidaandoening met rode, jeukende en schilferige huid

    deedamamezelfstandig naamwoord| Taalniveau: A2

    jonge sojabonen in de peul die gestoomd of gekookt worden gegeten

    edelbijvoeglijk naamwoord| Taalniveau: B1

    van hoge morele kwaliteit; ook: van edel metaal

    hetedelhertzelfstandig naamwoord| Taalniveau: A2

    het grootste hert in Europa, bekend om zijn gewei

    hetedictzelfstandig naamwoord| Taalniveau: C1

    een officieel decreet of bevel uitgevaardigd door een vorst of hoge autoriteit

    educatiefbijvoeglijk naamwoord| Taalniveau: B1

    gericht op leren en kennis opdoen

    deeekhoornzelfstandig naamwoord| Taalniveau: A2

    klein knaagdier met een pluizige staart dat in bomen leeft

    heteekhoorntjezelfstandig naamwoord| Taalniveau: A2

    een klein knaagdier met een lange, pluizige staart

    eenlidwoord| Taalniveau: A1

    onbepaald lidwoord dat aangeeft dat er sprake is van een niet nader bepaald iets of iemand

    deeendzelfstandig naamwoord| Taalniveau: A1

    Watervogel met een platte snavel die kwaakt en zowel in water als op land leeft

    deeenheidzelfstandig naamwoord| Taalniveau: A2

    een maatstaf of standaardhoeveelheid

    heteenoudergezinzelfstandig naamwoord| Taalniveau: B1

    gezin met slechts één ouder

    eenrichtingsbijvoeglijk naamwoord| Taalniveau: A2

    bestemd voor verkeer in slechts één richting

    eentonigbijvoeglijk naamwoord| Taalniveau: B1

    steeds hetzelfde, zonder afwisseling; saai door gebrek aan variatie

    deeentonigheidzelfstandig naamwoord| Taalniveau: B1

    het gevoel van saaiheid door herhaling

    deeenvoudzelfstandig naamwoord| Taalniveau: B1

    het kenmerk van iets dat sober en niet overdadig is; kernwaarde in de Japanse esthetiek

    eenvoudigbijvoeglijk naamwoord| Taalniveau: A2

    niet ingewikkeld; gemakkelijk te begrijpen of te doen

    eenzaambijvoeglijk naamwoord| Taalniveau: B1

    het gevoel hebben geen contact of verbinding te hebben met anderen

    deeenzaamheidzelfstandig naamwoord| Taalniveau: B1

    gevoel van alleen zijn zonder verbinding

    heteenzaamheidsgevoelzelfstandig naamwoord| Taalniveau: B1

    gevoel van alleen zijn zonder verbinding

    deeerbiedzelfstandig naamwoord| Taalniveau: B2

    gevoel van diep respect gecombineerd met ontzag

    eerbiedigbijvoeglijk naamwoord| Taalniveau: B1

    getuigend van respect en ontzag voor iemand of iets

    heteergevoelzelfstandig naamwoord| Taalniveau: B2

    sterk besef van persoonlijke eer en schaamte dat gedrag en beslissingen stuurt; kernwaarde in Japan

    eergisterenbijwoord| Taalniveau: A2

    de dag voor gisteren

    Pagina 1 van 7