Hét woordenboek.nlWaar woorden betekenis krijgen
    Inloggen

    Woorden met W

    Wzelfstandig naamwoord| Taalniveau: B2

    een overwinning of positief resultaat; afkorting van het Engelse win

    waaienwerkwoord| Taalniveau: A1

    wind die blaast, het waait

    waakzaambijvoeglijk naamwoord| Taalniveau: B1

    alert en oplettend voor gevaar

    waanzinnigbijvoeglijk naamwoord| Taalniveau: B1

    buitengewoon groot, goed of indrukwekkend; in informele context als versterking

    dewaarborgsomzelfstandig naamwoord| Taalniveau: C1

    bedrag dat bij aankoop of huur in zekerheid gegeven wordt

    dewaardezelfstandig naamwoord| Taalniveau: B1

    de mate van betekenis of belang van iets; de prijs of kwaliteit van iets

    dewaardebonzelfstandig naamwoord| Taalniveau: A2

    een bon of coupon met een bepaalde geldwaarde die als betaalmiddel gebruikt kan worden

    waardeloosbijvoeglijk naamwoord| Taalniveau: B1

    zonder waarde of kwaliteit; ook als scheldwoord voor iets dat tegenvalt

    hetwaardepapierzelfstandig naamwoord| Taalniveau: B2

    verhandelbaar document dat een geldelijke waarde of recht vertegenwoordigt

    waarnemenwerkwoord| Taalniveau: B1

    iets zien, horen of merken

    waarschijnlijkbijvoeglijk naamwoord| Taalniveau: B1

    naar alle verwachting; met grote kans dat het zo is

    waarschuwenwerkwoord| Taalniveau: A2

    iemand informeren over een naderende gevaar

    dewaarschuwingzelfstandig naamwoord| Taalniveau: B1

    bericht dat iemand attendeert op een gevaar of overtreding

    dewabi-sabizelfstandig naamwoord| Taalniveau: C1

    Japanse esthetiek die de schoonheid van imperfectie, vergankelijkheid en eenvoud waardeert

    dewachtzelfstandig naamwoord| Taalniveau: A2

    het bewaken of waken bij een deur of plek; ook: degene die wacht houdt

    wachtenwerkwoord| Taalniveau: A1

    op iets of iemand blijven staan of zitten totdat die er is

    dewachtkamerzelfstandig naamwoord| Taalniveau: A2

    ruimte waar patiënten wachten tot ze aan de beurt zijn

    dewachtlijstzelfstandig naamwoord| Taalniveau: B1

    lijst van patiënten die wachten op een behandeling of operatie

    dewachtrijzelfstandig naamwoord| Taalniveau: B1

    een rij van mensen die wachten op een dienst

    dewachtrijzelfstandig naamwoord| Taalniveau: B1(2)

    rij van wachtende mensen of wachttijd

    dewachtruimtezelfstandig naamwoord| Taalniveau: A2

    ruimte waar mensen wachten voordat ze geholpen worden

    dewachttijdzelfstandig naamwoord| Taalniveau: B1

    tijd die je wacht op een dienst of product

    hetwachtwoordzelfstandig naamwoord| Taalniveau: A2

    geheime combinatie van tekens waarmee toegang tot een systeem wordt verkregen

    dewachtwoordbeheerderzelfstandig naamwoord| Taalniveau: B1

    software die wachtwoorden opslaat en beheert

    dewafelzelfstandig naamwoord| Taalniveau: A2

    gebakje met ruitpatroon, zoet of hartig

    dewagashizelfstandig naamwoord| Taalniveau: B2

    traditionele Japanse zoetwaren van rijst, bonen en seizoensgebonden ingredienten

    dewagenzelfstandig naamwoord| Taalniveau: A2

    Auto of kar (formeel).

    hetwagyuzelfstandig naamwoord| Taalniveau: B2

    rundvlees afkomstig van specifieke Japanse runderrassen, beroemd om zijn vetmarmering

    wakkerbijvoeglijk naamwoord| Taalniveau: A1

    niet meer slapend; bij bewustzijn

    dewalgingzelfstandig naamwoord| Taalniveau: B1

    gevoel van sterke afkeer of miselijkheid

    dewalnootzelfstandig naamwoord| Taalniveau: A2

    ronde noot met een gerimpeld oppervlak en een intense smaak

    dewalviszelfstandig naamwoord| Taalniveau: A2

    groot zeezoogdier, het grootste dier op aarde

    dewandzelfstandig naamwoord| Taalniveau: A2

    verticaal oppervlak dat de scheiding vormt tussen ruimtes in een gebouw

    dewanddiktezelfstandig naamwoord| Taalniveau: B2

    de dikte van de buitenwanden van een 3D-geprint object

    dewandelaarzelfstandig naamwoord| Taalniveau: A2

    persoon die wandelt als sport of recreatie

    wandelenwerkwoord| Taalniveau: A1

    Rustig lopen voor ontspanning.

    dewandelingzelfstandig naamwoord| Taalniveau: A2

    een tocht te voet

    hetwandelpadzelfstandig naamwoord| Taalniveau: A2

    aangelegd pad voor voetgangers in de natuur of stad

    dewandelroutezelfstandig naamwoord| Taalniveau: A2

    aangeduide route voor wandelaars met bewegwijzering

    dewandeltochtzelfstandig naamwoord| Taalniveau: A2

    geplande wandeling over een bepaald traject of route

    dewandelwagenzelfstandig naamwoord| Taalniveau: A2

    een rijtuigje om een baby in te vervoeren

    dewandkalenderzelfstandig naamwoord| Taalniveau: A2

    een kalender die aan de muur hangt

    dewandklokzelfstandig naamwoord| Taalniveau: A2

    een klok die aan de muur hangt

    dewandlampzelfstandig naamwoord| Taalniveau: B1

    lamp bevestigd aan de muur

    dewandtegelzelfstandig naamwoord| Taalniveau: B1

    tegel die op de muur wordt aangebracht

    dewangzelfstandig naamwoord| Taalniveau: A2

    het zachte vlezige gedeelte aan weerszijden van het gezicht, onder het oog

    dewanhoopzelfstandig naamwoord| Taalniveau: B2

    toestand van volkomen hopeloosheid

    wankelbijvoeglijk naamwoord| Taalniveau: B2

    niet stevig of stabiel; onzeker in een positie of overtuiging

    dewanordezelfstandig naamwoord| Taalniveau: B1

    een toestand van chaos of rommel

    wantvoegwoord| Taalniveau: A1

    verbindt twee zinsdelen waarbij het tweede de reden geeft voor het eerste

    Pagina 1 van 9