Hét woordenboek.nlWaar woorden betekenis krijgen
    Inloggen
    Was dit nuttig?

    splijten

    werkwoord | Taalniveau: B1

    in stukken scheuren of breken

    Voorbeeldzinnen met het woord splijten

    • "Het hout splijt makkelijk."
    • "De bliksem spleet de boom doormidden."

    Synoniemen van splijten

    Idiomen

    • • in tweeën splijten
    • • de menigte splijten

    Vervoeging van splijten

    Ik (nu) splijt
    Hij/zij (nu) splijt
    Wij (nu) splijten
    Verleden tijd spleet
    Voltooid deelw. gespleten
    Hulpwerkwoord hebben

    Veelgestelde vragen over splijten

    Wat betekent splijten?
    in stukken scheuren of breken
    Op welk taalniveau hoort splijten?
    Het woord splijten hoort bij taalniveau B1 volgens het Europees Referentiekader (CEFR).
    Wat zijn synoniemen van splijten?
    Synoniemen van splijten zijn: scheuren, splijten, splitsen.
    Hoe vervoeg je splijten in de tegenwoordige tijd?
    In de tegenwoordige tijd vervoeg je splijten als volgt: ik splijt, hij/zij splijt, wij splijten.
    Wat is de verleden tijd van splijten?
    De verleden tijd (enkelvoud) van splijten is: spleet.
    Wat is het voltooid deelwoord van splijten?
    Het voltooid deelwoord van splijten is: gespleten.
    Gebruik je hebben of zijn bij splijten?
    Bij splijten gebruik je het hulpwerkwoord "hebben".

    Delen

    Bladeren op letter