Was dit nuttig?
skeeleren
werkwoord | Taalniveau: B1
rijden op inline skates met vier of vijf wielen op een rij
Voorbeeldzinnen met het woord skeeleren
- "Op zonnige zondagen gaan ze skeeleren langs het kanaal in de stad."
- "Skeeleren is een uitstekende cardiovasculaire sport die ook de beenspieren traint."
Synoniemen van skeeleren
Idiomen
- • een rondje skeeleren in het park
Vervoeging van skeeleren
| Ik (nu) | skeeler |
| Hij/zij (nu) | skeelert |
| Wij (nu) | skeeleren |
| Verleden tijd | skeelerde |
| Voltooid deelw. | geskeelerd |
| Hulpwerkwoord | heeft |
Veelgestelde vragen over skeeleren
- Wat betekent skeeleren?
- rijden op inline skates met vier of vijf wielen op een rij
- Op welk taalniveau hoort skeeleren?
- Het woord skeeleren hoort bij taalniveau B1 volgens het Europees Referentiekader (CEFR).
- Wat zijn synoniemen van skeeleren?
- Synoniemen van skeeleren zijn: inlineskaten, rollerskaten.
- Hoe vervoeg je skeeleren in de tegenwoordige tijd?
- In de tegenwoordige tijd vervoeg je skeeleren als volgt: ik skeeler, hij/zij skeelert, wij skeeleren.
- Wat is de verleden tijd van skeeleren?
- De verleden tijd (enkelvoud) van skeeleren is: skeelerde.
- Wat is het voltooid deelwoord van skeeleren?
- Het voltooid deelwoord van skeeleren is: geskeelerd.
- Gebruik je hebben of zijn bij skeeleren?
- Bij skeeleren gebruik je het hulpwerkwoord "heeft".
Alfabetisch
Gerelateerde woorden bij skeeleren
gelijkspelen
werkwoord
een wedstrijd eindigen zonder winnaar, met gelijke stand voo…
hinken
werkwoord
mank lopen doordat een been of voet pijnlijk, geblesseerd of…
snowboarden
werkwoord
van een besneeuwde helling afrijden op een breed snowboard-p…
bowlen
werkwoord
een zware bowlingbal gooien om tien kegels aan het einde van…
aanmoedigen
werkwoord
iemand motiveren en ondersteunen door luid en enthousiast te…
hetcardio
zelfstandig naamwoord
lichamelijke training gericht op het versterken van het hart…
Gerelateerde taaltips
Yankee: een Nederlands woord dat de wereld veroverde
Hoe Jan en Kees de naam gaven aan een heel volk
Kennen of weten: wat is het verschil?
Twee werkwoorden, één vertaling — leer wanneer je welk gebruikt
Voorkomen of verkomen? Zo gebruik je het goed
Leer de 3 betekenissen van voorkomen + een handig ezelsbruggetje