Was dit nuttig?
pakken
werkwoord | Taalniveau: A1
iets met de hand grijpen of in bezit nemen
Voorbeeldzinnen met het woord pakken
- "Pak een stoel en ga erbij zitten."
- "Hij pakte de telefoon van tafel."
Synoniemen van pakken
Idiomen
- • De kans pakken
- • Iemand pakken
Vervoeging van pakken
| Ik (nu) | pak |
| Hij/zij (nu) | pakt |
| Wij (nu) | pakken |
| Verleden tijd | pakte |
| Voltooid deelw. | gepakt |
| Hulpwerkwoord | hebben |
Veelgestelde vragen over pakken
- Wat betekent pakken?
- iets met de hand grijpen of in bezit nemen
- Op welk taalniveau hoort pakken?
- Het woord pakken hoort bij taalniveau A1 volgens het Europees Referentiekader (CEFR).
- Wat zijn synoniemen van pakken?
- Synoniemen van pakken zijn: grijpen, nemen, beetpakken.
- Hoe vervoeg je pakken in de tegenwoordige tijd?
- In de tegenwoordige tijd vervoeg je pakken als volgt: ik pak, hij/zij pakt, wij pakken.
- Wat is de verleden tijd van pakken?
- De verleden tijd (enkelvoud) van pakken is: pakte.
- Wat is het voltooid deelwoord van pakken?
- Het voltooid deelwoord van pakken is: gepakt.
- Gebruik je hebben of zijn bij pakken?
- Bij pakken gebruik je het hulpwerkwoord "hebben".
Alfabetisch
Gerelateerde woorden bij pakken
hebben
werkwoord
bezitten of in het bezit zijn van iets
zijn
werkwoord
bestaan of zich in een bepaalde toestand bevinden
zien
werkwoord
iets waarnemen met de ogen
geven
werkwoord
iets overdragen aan iemand anders
worden
werkwoord
veranderen in iets nieuws of een andere toestand bereiken
brengen
werkwoord
iets of iemand van de ene naar de andere plek verplaatsen