Was dit nuttig?
deverhuurder
zelfstandig naamwoord | Taalniveau: B1
persoon of bedrijf dat een woning verhuurt
Voorbeeldzinnen met het woord verhuurder
- "De verhuurder verhoogde de huurprijs."
- "Ik belde de verhuurder over de kapotte verwarming."
Synoniemen van verhuurder
Veelgestelde vragen over verhuurder
- Wat betekent verhuurder?
- persoon of bedrijf dat een woning verhuurt
- Op welk taalniveau hoort verhuurder?
- Het woord verhuurder hoort bij taalniveau B1 volgens het Europees Referentiekader (CEFR).
- Wat zijn synoniemen van verhuurder?
- Synoniemen van verhuurder zijn: eigenaar.
- Is verhuurder een de-woord of het-woord?
- Verhuurder is een de-woord: de verhuurder.
Alfabetisch
Gerelateerde woorden bij verhuurder
deklomp
zelfstandig naamwoord
een schoen gemaakt van hout, traditioneel in Nederland
hetteken
zelfstandig naamwoord
iets wat wijst op of verwijst naar iets anders
deduidelijkheid
zelfstandig naamwoord
de eigenschap van iets wat helder en begrijpelijk is
dedreun
zelfstandig naamwoord
een harde, zware klap of een eentonig, bonkend geluid
hettijdstip
zelfstandig naamwoord
een bepaald moment op de dag
dedwerg
zelfstandig naamwoord
een buitengewoon klein menselijk wezen; ook: een fantasiewez…
Gerelateerde taaltips
Yankee: een Nederlands woord dat de wereld veroverde
Hoe Jan en Kees de naam gaven aan een heel volk
Kennen of weten: wat is het verschil?
Twee werkwoorden, één vertaling — leer wanneer je welk gebruikt
Voorkomen of verkomen? Zo gebruik je het goed
Leer de 3 betekenissen van voorkomen + een handig ezelsbruggetje