Hét woordenboek.nlWaar woorden betekenis krijgen
    Inloggen
    Was dit nuttig?

    hetthuisspel

    zelfstandig naamwoord | Taalniveau: B1

    een wedstrijd die een team thuis speelt

    Voorbeeldzinnen met het woord thuisspel

    • "Ze verloren het thuisspel met 1-2."
    • "Een thuisspel heeft het voordeel van de eigen supporters."

    Synoniemen van thuisspel

    Veelgestelde vragen over thuisspel

    Wat betekent thuisspel?
    een wedstrijd die een team thuis speelt
    Op welk taalniveau hoort thuisspel?
    Het woord thuisspel hoort bij taalniveau B1 volgens het Europees Referentiekader (CEFR).
    Wat zijn synoniemen van thuisspel?
    Synoniemen van thuisspel zijn: thuiswedstrijd, thuisduel.
    Is thuisspel een de-woord of het-woord?
    Thuisspel is een het-woord: het thuisspel.

    Delen

    Bladeren op letter