Hét woordenboek.nlWaar woorden betekenis krijgen
    Inloggen
    Was dit nuttig?

    desportblessure

    zelfstandig naamwoord | Taalniveau: B1

    letsel opgelopen tijdens sportbeoefening

    Voorbeeldzinnen met het woord sportblessure

    • "Een slechte landing veroorzaakte een ernstige sportblessure."
    • "Ze revalideert een maand van haar sportblessure."

    Synoniemen van sportblessure

    Veelgestelde vragen over sportblessure

    Wat betekent sportblessure?
    letsel opgelopen tijdens sportbeoefening
    Op welk taalniveau hoort sportblessure?
    Het woord sportblessure hoort bij taalniveau B1 volgens het Europees Referentiekader (CEFR).
    Wat zijn synoniemen van sportblessure?
    Synoniemen van sportblessure zijn: blessure, verwonding.
    Is sportblessure een de-woord of het-woord?
    Sportblessure is een de-woord: de sportblessure.

    Delen

    Bladeren op letter