Hét woordenboek.nlWaar woorden betekenis krijgen
    Inloggen
    Was dit nuttig?

    desportagenda

    zelfstandig naamwoord | Taalniveau: B1

    overzicht van geplande sportevenementen of wedstrijden

    Voorbeeldzinnen met het woord sportagenda

    • "Ze kijkt in de sportagenda wanneer de volgende wedstrijd is."
    • "De sportagenda voor het seizoen is gepubliceerd."

    Synoniemen van sportagenda

    Veelgestelde vragen over sportagenda

    Wat betekent sportagenda?
    overzicht van geplande sportevenementen of wedstrijden
    Op welk taalniveau hoort sportagenda?
    Het woord sportagenda hoort bij taalniveau B1 volgens het Europees Referentiekader (CEFR).
    Wat zijn synoniemen van sportagenda?
    Synoniemen van sportagenda zijn: speelschema, kalender.
    Is sportagenda een de-woord of het-woord?
    Sportagenda is een de-woord: de sportagenda.

    Delen

    Bladeren op letter