Hét woordenboek.nlWaar woorden betekenis krijgen
    Inloggen
    Was dit nuttig?

    slippen

    werkwoord | Taalniveau: B1

    wegglijden of uit balans raken

    Voorbeeldzinnen met het woord slippen

    • "De voetballer slipte op het natte gras en verloor de bal."
    • "De motor slipte in de bocht."

    Synoniemen van slippen

    Idiomen

    • • in de bocht slippen
    • • onderuit slippen

    Vervoeging van slippen

    Ik (nu) ik slip
    Hij/zij (nu) hij slipt
    Wij (nu) wij slippen
    Verleden tijd slipte
    Voltooid deelw. geslipte
    Hulpwerkwoord zijn

    Veelgestelde vragen over slippen

    Wat betekent slippen?
    wegglijden of uit balans raken
    Op welk taalniveau hoort slippen?
    Het woord slippen hoort bij taalniveau B1 volgens het Europees Referentiekader (CEFR).
    Wat zijn synoniemen van slippen?
    Synoniemen van slippen zijn: glijden, wegschuiven.
    Hoe vervoeg je slippen in de tegenwoordige tijd?
    In de tegenwoordige tijd vervoeg je slippen als volgt: ik ik slip, hij/zij hij slipt, wij wij slippen.
    Wat is de verleden tijd van slippen?
    De verleden tijd (enkelvoud) van slippen is: slipte.
    Wat is het voltooid deelwoord van slippen?
    Het voltooid deelwoord van slippen is: geslipte.
    Gebruik je hebben of zijn bij slippen?
    Bij slippen gebruik je het hulpwerkwoord "zijn".

    Delen

    Bladeren op letter