Was dit nuttig?
opruimen
werkwoord | Taalniveau: A1
iets ordenen of wegzetten zodat het netjes is
Voorbeeldzinnen met het woord opruimen
- "Na het eten ruim ik de tafel op."
- "Kun jij je kamer opruimen voor het bezoek arriveert?"
Synoniemen van opruimen
Idiomen
- • schoon schip maken
Vervoeging van opruimen
| Ik (nu) | ruim op |
| Hij/zij (nu) | ruimt op |
| Wij (nu) | ruimen op |
| Verleden tijd | ruimde op |
| Voltooid deelw. | opgeruimd |
| Hulpwerkwoord | hebben |
Veelgestelde vragen over opruimen
- Wat betekent opruimen?
- iets ordenen of wegzetten zodat het netjes is
- Op welk taalniveau hoort opruimen?
- Het woord opruimen hoort bij taalniveau A1 volgens het Europees Referentiekader (CEFR).
- Wat zijn synoniemen van opruimen?
- Synoniemen van opruimen zijn: schoonmaken, aufräumen.
- Hoe vervoeg je opruimen in de tegenwoordige tijd?
- In de tegenwoordige tijd vervoeg je opruimen als volgt: ik ruim op, hij/zij ruimt op, wij ruimen op.
- Wat is de verleden tijd van opruimen?
- De verleden tijd (enkelvoud) van opruimen is: ruimde op.
- Wat is het voltooid deelwoord van opruimen?
- Het voltooid deelwoord van opruimen is: opgeruimd.
- Gebruik je hebben of zijn bij opruimen?
- Bij opruimen gebruik je het hulpwerkwoord "hebben".
Alfabetisch
Gerelateerde woorden bij opruimen
lopen
werkwoord
Je voeten gebruiken om je voort te bewegen
slapen
werkwoord
Je ogen dicht doen en rusten meestal in bed
wandelen
werkwoord
Rustig lopen voor ontspanning.
deels
bijwoord
voor een gedeelte; niet volledig maar ook niet geheel afwezi…
deklomp
zelfstandig naamwoord
een schoen gemaakt van hout, traditioneel in Nederland
hetteken
zelfstandig naamwoord
iets wat wijst op of verwijst naar iets anders