Was dit nuttig?
denaamgenoot
zelfstandig naamwoord | Taalniveau: B1
iemand met dezelfde naam
Voorbeeldzinnen met het woord naamgenoot
- "Er zijn twee naamgenoten in de klas."
- "Hij ontmoette een naamgenoot bij de gemeente."
Synoniemen van naamgenoot
Veelgestelde vragen over naamgenoot
- Wat betekent naamgenoot?
- iemand met dezelfde naam
- Op welk taalniveau hoort naamgenoot?
- Het woord naamgenoot hoort bij taalniveau B1 volgens het Europees Referentiekader (CEFR).
- Wat zijn synoniemen van naamgenoot?
- Synoniemen van naamgenoot zijn: naamdrager.
- Is naamgenoot een de-woord of het-woord?
- Naamgenoot is een de-woord: de naamgenoot.
Alfabetisch
Gerelateerde woorden bij naamgenoot
hetkind
zelfstandig naamwoord
Jong persoon; ook: de zoon of dochter van iemand
deoma
zelfstandig naamwoord
De moeder van je vader of moeder; grootmoeder
detante
zelfstandig naamwoord
De zus van je vader of moeder
debaby
zelfstandig naamwoord
Heel jong kind dat nog niet kan lopen of praten
degrootmoeder
zelfstandig naamwoord
moeder van je vader of moeder
hetgezin
zelfstandig naamwoord
Een groep van ouders en kinderen die samen wonen
Gerelateerde taaltips
Yankee: een Nederlands woord dat de wereld veroverde
Hoe Jan en Kees de naam gaven aan een heel volk
Kennen of weten: wat is het verschil?
Twee werkwoorden, één vertaling — leer wanneer je welk gebruikt
Voorkomen of verkomen? Zo gebruik je het goed
Leer de 3 betekenissen van voorkomen + een handig ezelsbruggetje