Was dit nuttig?
moeten
werkwoord | Taalniveau: A1
verplicht of gedwongen zijn iets te doen
Voorbeeldzinnen met het woord moeten
- "Ik moet om acht uur op het werk zijn."
- "Ze moet haar medicijnen elke dag innemen."
Synoniemen van moeten
Idiomen
- • Ergens aan moeten geloven
- • Dat moet ik nog zien
Vervoeging van moeten
| Ik (nu) | moet |
| Hij/zij (nu) | moet |
| Wij (nu) | moeten |
| Verleden tijd | moest |
| Voltooid deelw. | gemoeten |
| Hulpwerkwoord | hebben |
Veelgestelde vragen over moeten
- Wat betekent moeten?
- verplicht of gedwongen zijn iets te doen
- Op welk taalniveau hoort moeten?
- Het woord moeten hoort bij taalniveau A1 volgens het Europees Referentiekader (CEFR).
- Wat zijn synoniemen van moeten?
- Synoniemen van moeten zijn: verplicht zijn, gedwongen zijn.
- Hoe vervoeg je moeten in de tegenwoordige tijd?
- In de tegenwoordige tijd vervoeg je moeten als volgt: ik moet, hij/zij moet, wij moeten.
- Wat is de verleden tijd van moeten?
- De verleden tijd (enkelvoud) van moeten is: moest.
- Wat is het voltooid deelwoord van moeten?
- Het voltooid deelwoord van moeten is: gemoeten.
- Gebruik je hebben of zijn bij moeten?
- Bij moeten gebruik je het hulpwerkwoord "hebben".
Alfabetisch
Gerelateerde woorden bij moeten
hebben
werkwoord
bezitten of in het bezit zijn van iets
zijn
werkwoord
bestaan of zich in een bepaalde toestand bevinden
zien
werkwoord
iets waarnemen met de ogen
geven
werkwoord
iets overdragen aan iemand anders
worden
werkwoord
veranderen in iets nieuws of een andere toestand bereiken
brengen
werkwoord
iets of iemand van de ene naar de andere plek verplaatsen