Was dit nuttig?
leggen
werkwoord | Taalniveau: A1
iets op een horizontale oppervlak plaatsen
Voorbeeldzinnen met het woord leggen
- "Ze legt het boek op tafel."
- "Hij legt zijn sleutels altijd op dezelfde plek."
Synoniemen van leggen
Idiomen
- • de vinger op de wond leggen
- • de lat hoog leggen
Vervoeging van leggen
| Ik (nu) | ik leg |
| Hij/zij (nu) | hij legt |
| Wij (nu) | wij leggen |
| Verleden tijd | legde |
| Voltooid deelw. | gelegd |
| Hulpwerkwoord | hebben |
Veelgestelde vragen over leggen
- Wat betekent leggen?
- iets op een horizontale oppervlak plaatsen
- Op welk taalniveau hoort leggen?
- Het woord leggen hoort bij taalniveau A1 volgens het Europees Referentiekader (CEFR).
- Wat zijn synoniemen van leggen?
- Synoniemen van leggen zijn: neerleggen.
- Hoe vervoeg je leggen in de tegenwoordige tijd?
- In de tegenwoordige tijd vervoeg je leggen als volgt: ik ik leg, hij/zij hij legt, wij wij leggen.
- Wat is de verleden tijd van leggen?
- De verleden tijd (enkelvoud) van leggen is: legde.
- Wat is het voltooid deelwoord van leggen?
- Het voltooid deelwoord van leggen is: gelegd.
- Gebruik je hebben of zijn bij leggen?
- Bij leggen gebruik je het hulpwerkwoord "hebben".
Alfabetisch
Gerelateerde woorden bij leggen
hebben
werkwoord
bezitten of in het bezit zijn van iets
zijn
werkwoord
bestaan of zich in een bepaalde toestand bevinden
zien
werkwoord
iets waarnemen met de ogen
geven
werkwoord
iets overdragen aan iemand anders
worden
werkwoord
veranderen in iets nieuws of een andere toestand bereiken
brengen
werkwoord
iets of iemand van de ene naar de andere plek verplaatsen