Hét woordenboek.nlWaar woorden betekenis krijgen
    Inloggen
    Was dit nuttig?

    kunnen

    werkwoord | Taalniveau: A1

    in staat zijn iets te doen; de mogelijkheid of het vermogen hebben

    Voorbeeldzinnen met het woord kunnen

    • "Kun jij me helpen met dit pakket?"
    • "Ze kan heel snel typen."

    Synoniemen van kunnen

    Idiomen

    • • Dat kan er mee door
    • • Zo goed als het kan

    Vervoeging van kunnen

    Ik (nu) kan
    Hij/zij (nu) kan
    Wij (nu) kunnen
    Verleden tijd kon
    Voltooid deelw. gekund
    Hulpwerkwoord hebben

    Veelgestelde vragen over kunnen

    Wat betekent kunnen?
    in staat zijn iets te doen; de mogelijkheid of het vermogen hebben
    Op welk taalniveau hoort kunnen?
    Het woord kunnen hoort bij taalniveau A1 volgens het Europees Referentiekader (CEFR).
    Wat zijn synoniemen van kunnen?
    Synoniemen van kunnen zijn: in staat zijn, de mogelijkheid hebben.
    Hoe vervoeg je kunnen in de tegenwoordige tijd?
    In de tegenwoordige tijd vervoeg je kunnen als volgt: ik kan, hij/zij kan, wij kunnen.
    Wat is de verleden tijd van kunnen?
    De verleden tijd (enkelvoud) van kunnen is: kon.
    Wat is het voltooid deelwoord van kunnen?
    Het voltooid deelwoord van kunnen is: gekund.
    Gebruik je hebben of zijn bij kunnen?
    Bij kunnen gebruik je het hulpwerkwoord "hebben".

    Delen

    Bladeren op letter