Hét woordenboek.nlWaar woorden betekenis krijgen
    Inloggen
    Was dit nuttig?

    hetechtpaar

    zelfstandig naamwoord | Taalniveau: B1

    twee getrouwde personen

    Voorbeeldzinnen met het woord echtpaar

    • "Het echtpaar woont al veertig jaar samen."
    • "Ze zijn een harmonieus echtpaar."

    Synoniemen van echtpaar

    Veelgestelde vragen over echtpaar

    Wat betekent echtpaar?
    twee getrouwde personen
    Op welk taalniveau hoort echtpaar?
    Het woord echtpaar hoort bij taalniveau B1 volgens het Europees Referentiekader (CEFR).
    Wat zijn synoniemen van echtpaar?
    Synoniemen van echtpaar zijn: huwelijkspaar.
    Is echtpaar een de-woord of het-woord?
    Echtpaar is een het-woord: het echtpaar.

    Delen

    Bladeren op letter