Hét woordenboek.nlWaar woorden betekenis krijgen
    Inloggen
    Was dit nuttig?

    afwijzen

    werkwoord | Taalniveau: B1

    een sollicitant of aanvraag niet accepteren

    Voorbeeldzinnen met het woord afwijzen

    • "Ze werd helaas afgewezen voor de functie."
    • "Het bedrijf wees alle aanvragen af."

    Idiomen

    • • de deur wijzen

    Vervoeging van afwijzen

    Ik (nu) wijs af
    Hij/zij (nu) wijst af
    Wij (nu) wijzen af
    Verleden tijd wees af
    Voltooid deelw. afgewezen
    Hulpwerkwoord hebben

    Veelgestelde vragen over afwijzen

    Wat betekent afwijzen?
    een sollicitant of aanvraag niet accepteren
    Op welk taalniveau hoort afwijzen?
    Het woord afwijzen hoort bij taalniveau B1 volgens het Europees Referentiekader (CEFR).
    Hoe vervoeg je afwijzen in de tegenwoordige tijd?
    In de tegenwoordige tijd vervoeg je afwijzen als volgt: ik wijs af, hij/zij wijst af, wij wijzen af.
    Wat is de verleden tijd van afwijzen?
    De verleden tijd (enkelvoud) van afwijzen is: wees af.
    Wat is het voltooid deelwoord van afwijzen?
    Het voltooid deelwoord van afwijzen is: afgewezen.
    Gebruik je hebben of zijn bij afwijzen?
    Bij afwijzen gebruik je het hulpwerkwoord "hebben".

    Delen

    Bladeren op letter