Was dit nuttig?
dezool
zelfstandig naamwoord | Taalniveau: A2 | Verkleinwoord: het zooltje
het onderste vlakke deel van een schoen of laars waarop men loopt
Voorbeeldzinnen met het woord zool
- "De zool van zijn sneakers was bijna helemaal versleten."
- "Rubberen zolen zijn duurzamer dan leren zolen."
Synoniemen van zool
Veelgestelde vragen over zool
- Wat betekent zool?
- het onderste vlakke deel van een schoen of laars waarop men loopt
- Op welk taalniveau hoort zool?
- Het woord zool hoort bij taalniveau A2 volgens het Europees Referentiekader (CEFR).
- Wat zijn synoniemen van zool?
- Synoniemen van zool zijn: schoenbodem, onderzijde.
- Is zool een de-woord of het-woord?
- Zool is een de-woord: de zool.
- Wat is het verkleinwoord van zool?
- Het verkleinwoord van zool is: het zooltje.
Alfabetisch
Gerelateerde woorden bij zool
hetkostuum
zelfstandig naamwoord
pak bestaande uit broek en jasje
demantel
zelfstandig naamwoord
lange jas voor dames
demouw
zelfstandig naamwoord
armgedeelte van een kledingstuk
hetboord
zelfstandig naamwoord
de rand van een kledingstuk rondom de hals of mouw
dejas
zelfstandig naamwoord
Zwaar bovenkleding dat je draagt als het koud of nat is
dejeans
zelfstandig naamwoord
broek gemaakt van spijkerstof (denim)
Gerelateerde taaltips
Je kunt of je kan: wat is correct?
Beide vormen zijn goed, maar er is een belangrijk verschil
Me of mijn: wat is het verschil en wat is correct?
Twijfel je tussen ‘me’ en ‘mijn’? Zo gebruik je ze op de juiste manier.
100 basiswoorden Nederlands voor beginners
De belangrijkste woorden om te leren, per categorie met voorbeeldzinnen