Was dit nuttig?
dezon
zelfstandig naamwoord | Taalniveau: A1
De ster in het middelpunt van ons zonnestelsel die warmte en licht geeft; ook het zonlicht zelf
Voorbeeldzinnen met het woord zon
- "De zon schijnt vandaag stralend."
- "Ze zit in de zon op het terras."
- "De zon gaat vroeg onder in de winter."
Synoniemen van zon
Idiomen
- • In de zon zitten
- • De zon in huis zijn
Veelgestelde vragen over zon
- Wat betekent zon?
- De ster in het middelpunt van ons zonnestelsel die warmte en licht geeft; ook het zonlicht zelf
- Op welk taalniveau hoort zon?
- Het woord zon hoort bij taalniveau A1 volgens het Europees Referentiekader (CEFR).
- Wat zijn synoniemen van zon?
- Synoniemen van zon zijn: zonneschijn.
- Is zon een de-woord of het-woord?
- Zon is een de-woord: de zon.
Alfabetisch
Gerelateerde woorden bij zon
dewolk
zelfstandig naamwoord
Massa van waterdruppeltjes of ijskristallen die in de lucht …
hetonweer
zelfstandig naamwoord
Hevig weer met bliksem en donder, vaak met hevige regen
dedooi
zelfstandig naamwoord
het smelten van ijs en sneeuw
degraad
zelfstandig naamwoord
eenheid voor temperatuur (°C)
debuien
zelfstandig naamwoord
meervoud van bui; korte regenbuien die snel voorbij trekken
dewind
zelfstandig naamwoord
Bewegende lucht die je kunt voelen