Hét woordenboek.nlWaar woorden betekenis krijgen
    Inloggen

    Tussen-n: wanneer schrijf je het en wanneer niet?

    De meervoudstest uitgelegd met duidelijke voorbeelden

    Tussen-n: wanneer schrijf je het en wanneer niet?

    De tussen-n is een van de lastigste spellingkwesties in het Nederlands. Wanneer schrijf je zonnebloem en wanneer zonbloem? Het goede nieuws: er is een duidelijke regel.

    De basisregel

    Je schrijft een tussen-n (-en-) in samenstellingen wanneer het eerste deel een zelfstandig naamwoord is dat in het meervoud eindigt op -en.

    • zon → meervoud: zonnenzonnebloem

    • maan → meervoud: manenmaanlicht (geen tussen-n! meervoud = manen, maar de klank is al lang)

    • regen → meervoud: regensregenboog (geen tussen-n)

    Kort gezegd: eindigt het meervoud van het eerste woord op -nen? Dan schrijf je een tussen-n.

    De meervoudstest

    Twijfel je? Zet het eerste woord in het meervoud en kijk op welke letter dat eindigt:

    • Eindigt op -nen? → tussen-n: mannen → mannenmode

    • Eindigt op -en (zonder extra n)? → geen tussen-n: bomen → bomendak... wacht, dat is wél -en!

    Preciezer geformuleerd: je schrijft een tussen-n als het meervoud van het eerste woord wordt gevormd met -en én de stam eindigt op een korte klinker + medeklinker die dan verdubbeld wordt. Dat zijn woorden als man → mannen, zon → zonnen, pan → pannen.

    Uitzonderingen en aandachtspunten

    Geen tussen-n bij:

    • Bijvoeglijke naamwoorden als eerste deel: grootmoeder (niet: grootenmoeder)

    • Werkwoorden als eerste deel: slaapkamer (niet: slaapenwekkend — dit is samengesteld anders)

    • Woorden waarvan het meervoud op -s eindigt: auto → auto's → autoweg

    • Eigennamen: Koninginnedag (maar dit is een historische uitzondering)

    Let op deze veelgemaakte fouten:

    • zonnebloem (zon → zonnen)   ✗ zonbloem

    • pannenkoek (pan → pannen)   ✗ pankoek

    • regenboog (regen → regens, geen -nen)   ✗ regenboog is al correct

    • bomenrij (boom → bomen, niet -nen)   ✗ bomennerij

    Handige ezelsbruggetje

    Vraag jezelf af: "Zeg ik dit woord ook in het meervoud met een extra -n?"
    Zon → zonnen? Dan: zonnebloem.
    Boom → bomen (geen extra n)? Dan: bomenrij (geen tussen-n).

    Samenvatting

    1. Vorm het meervoud van het eerste woord in de samenstelling.

    2. Eindigt dat meervoud op -nen (met verdubbelde medeklinker)? → schrijf een tussen-n.

    3. Eindigt het meervoud op -en zonder verdubbeling, of op -s? → geen tussen-n.

    4. Is het eerste woord geen zelfstandig naamwoord? → geen tussen-n.

    Delen

    Meer interessante taaltips

    Ontdek woorden in het woordenboek

    Geschreven door Redactie hetwoordenboek.nl

    Laatst bijgewerkt: 29 maart 2026