Hét woordenboek.nlWaar woorden betekenis krijgen
    Inloggen
    Was dit nuttig?

    deweekplanner

    zelfstandig naamwoord | Taalniveau: B1

    een overzicht van taken, afspraken en studieonderdelen verdeeld over de dagen van de week, gebruikt voor tijdsbeheer

    Voorbeeldzinnen met het woord weekplanner

    • "Met een weekplanner kun je je studietijd beter verdelen over de vakken."
    • "Ze vulde haar weekplanner in voor de examenweken zodat ze niets zou vergeten."

    Synoniemen van weekplanner

    Veelgestelde vragen over weekplanner

    Wat betekent weekplanner?
    een overzicht van taken, afspraken en studieonderdelen verdeeld over de dagen van de week, gebruikt voor tijdsbeheer
    Op welk taalniveau hoort weekplanner?
    Het woord weekplanner hoort bij taalniveau B1 volgens het Europees Referentiekader (CEFR).
    Wat zijn synoniemen van weekplanner?
    Synoniemen van weekplanner zijn: studieplanner, weekschema.
    Is weekplanner een de-woord of het-woord?
    Weekplanner is een de-woord: de weekplanner.

    Delen

    Bladeren op letter