Was dit nuttig?
hetweekeinde
zelfstandig naamwoord | Taalniveau: A1
zaterdag en zondag, het weekend
Voorbeeldzinnen met het woord weekeinde
- "Ze zijn in het weekeinde naar de kust gegaan."
- "Wat doe je dit weekeinde?"
Synoniemen van weekeinde
Veelgestelde vragen over weekeinde
- Wat betekent weekeinde?
- zaterdag en zondag, het weekend
- Op welk taalniveau hoort weekeinde?
- Het woord weekeinde hoort bij taalniveau A1 volgens het Europees Referentiekader (CEFR).
- Wat zijn synoniemen van weekeinde?
- Synoniemen van weekeinde zijn: weekend.
- Is weekeinde een de-woord of het-woord?
- Weekeinde is een het-woord: het weekeinde.
Alfabetisch
Gerelateerde woorden bij weekeinde
dedegen
zelfstandig naamwoord
een smal, puntig zwaard gebruikt bij de schermkampioenschapp…
dewedstrijd
zelfstandig naamwoord
georganiseerde competitie waarbij deelnemers strijden om de …
hetwielrennen
zelfstandig naamwoord
competitief fietsen op weg of parcours
deestafette
zelfstandig naamwoord
wedstrijd waarbij een team van meerdere atleten om beurt ren…
deloopband
zelfstandig naamwoord
apparaat voor binnenshuis hardlopen op een bewegend band
deambitie
zelfstandig naamwoord
een sterke wens om iets te bereiken