Hét woordenboek.nlWaar woorden betekenis krijgen
    Inloggen
    Was dit nuttig?

    dethuiszorg

    zelfstandig naamwoord | Taalniveau: B1

    professionele zorg die bij mensen thuis wordt verleend

    Voorbeeldzinnen met het woord thuiszorg

    • "Na de operatie krijgt ze een week thuiszorg."
    • "Thuiszorg maakt het mogelijk om langer zelfstandig thuis te wonen."

    Synoniemen van thuiszorg

    Veelgestelde vragen over thuiszorg

    Wat betekent thuiszorg?
    professionele zorg die bij mensen thuis wordt verleend
    Op welk taalniveau hoort thuiszorg?
    Het woord thuiszorg hoort bij taalniveau B1 volgens het Europees Referentiekader (CEFR).
    Wat zijn synoniemen van thuiszorg?
    Synoniemen van thuiszorg zijn: thuisverpleging, mantelzorg.
    Is thuiszorg een de-woord of het-woord?
    Thuiszorg is een de-woord: de thuiszorg.

    Delen

    Bladeren op letter