Was dit nuttig?
desluitingstijd
zelfstandig naamwoord | Taalniveau: A2
het tijdstip waarop een winkel, instelling of dienst sluit
Voorbeeldzinnen met het woord sluitingstijd
- "Ze haastte zich naar de winkel net voor de sluitingstijd."
- "De sluitingstijd van de bibliotheek is om twintig uur."
Synoniemen van sluitingstijd
Veelgestelde vragen over sluitingstijd
- Wat betekent sluitingstijd?
- het tijdstip waarop een winkel, instelling of dienst sluit
- Op welk taalniveau hoort sluitingstijd?
- Het woord sluitingstijd hoort bij taalniveau A2 volgens het Europees Referentiekader (CEFR).
- Wat zijn synoniemen van sluitingstijd?
- Synoniemen van sluitingstijd zijn: sluitingsuur, eindtijd.
- Is sluitingstijd een de-woord of het-woord?
- Sluitingstijd is een de-woord: de sluitingstijd.
Alfabetisch
Gerelateerde woorden bij sluitingstijd
deweek
zelfstandig naamwoord
Een periode van zeven opeenvolgende dagen
defebruari
zelfstandig naamwoord
De tweede maand van het jaar; de kortste maand
demaand
zelfstandig naamwoord
Een periode van ongeveer vier weken; het jaar is verdeeld in…
hetdecennium
zelfstandig naamwoord
een periode van tien jaar
deeeuw
zelfstandig naamwoord
een periode van honderd jaar
hetmillennium
zelfstandig naamwoord
een periode van duizend jaar; ook de overgang van een dergel…
Gerelateerde taaltips
Je kunt of je kan: wat is correct?
Beide vormen zijn goed, maar er is een belangrijk verschil
Me of mijn: wat is het verschil en wat is correct?
Twijfel je tussen ‘me’ en ‘mijn’? Zo gebruik je ze op de juiste manier.
100 basiswoorden Nederlands voor beginners
De belangrijkste woorden om te leren, per categorie met voorbeeldzinnen