Was dit nuttig?
demaand
zelfstandig naamwoord | Taalniveau: A1 | Verkleinwoord: het het maandje
Een periode van ongeveer vier weken; het jaar is verdeeld in twaalf maanden
Voorbeeldzinnen met het woord maand
- "Er zijn twaalf maanden in een jaar."
- "Ik ga volgende maand op vakantie."
- "Ze betaalt elke maand huur."
Synoniemen van maand
Idiomen
- • Maand van de...
Veelgestelde vragen over maand
- Wat betekent maand?
- Een periode van ongeveer vier weken; het jaar is verdeeld in twaalf maanden
- Op welk taalniveau hoort maand?
- Het woord maand hoort bij taalniveau A1 volgens het Europees Referentiekader (CEFR).
- Wat zijn synoniemen van maand?
- Synoniemen van maand zijn: vier weken, kalendermaand.
- Is maand een de-woord of het-woord?
- Maand is een de-woord: de maand.
- Wat is het verkleinwoord van maand?
- Het verkleinwoord van maand is: het het maandje.
Alfabetisch
Gerelateerde woorden bij maand
deweek
zelfstandig naamwoord
Een periode van zeven opeenvolgende dagen
defebruari
zelfstandig naamwoord
De tweede maand van het jaar; de kortste maand
hetdecennium
zelfstandig naamwoord
een periode van tien jaar
deeeuw
zelfstandig naamwoord
een periode van honderd jaar
hetmillennium
zelfstandig naamwoord
een periode van duizend jaar; ook de overgang van een dergel…
denieuwjaarsdag
zelfstandig naamwoord
de eerste dag van het nieuwe jaar, op 1 januari