Was dit nuttig?
demaandag
zelfstandig naamwoord | Taalniveau: A1 | Verkleinwoord: het het maandagje
De eerste dag van de werkweek
Voorbeeldzinnen met het woord maandag
- "Op maandag ga ik naar het werk."
- "De vergadering is op maandag."
- "Maandag is de eerste dag van de week."
Synoniemen van maandag
Idiomen
- • Blauwe maandag
Veelgestelde vragen over maandag
- Wat betekent maandag?
- De eerste dag van de werkweek
- Op welk taalniveau hoort maandag?
- Het woord maandag hoort bij taalniveau A1 volgens het Europees Referentiekader (CEFR).
- Wat zijn synoniemen van maandag?
- Synoniemen van maandag zijn: eerste werkdag, weekdag.
- Is maandag een de-woord of het-woord?
- Maandag is een de-woord: de maandag.
- Wat is het verkleinwoord van maandag?
- Het verkleinwoord van maandag is: het het maandagje.
Alfabetisch
Gerelateerde woorden bij maandag
deweek
zelfstandig naamwoord
Een periode van zeven opeenvolgende dagen
defebruari
zelfstandig naamwoord
De tweede maand van het jaar; de kortste maand
demaand
zelfstandig naamwoord
Een periode van ongeveer vier weken; het jaar is verdeeld in…
hetdecennium
zelfstandig naamwoord
een periode van tien jaar
deeeuw
zelfstandig naamwoord
een periode van honderd jaar
hetmillennium
zelfstandig naamwoord
een periode van duizend jaar; ook de overgang van een dergel…