Was dit nuttig?
deseizoenswisseling
zelfstandig naamwoord | Taalniveau: B2
de overgang van het ene seizoen naar het andere
Voorbeeldzinnen met het woord seizoenswisseling
- "Bij de seizoenswisseling van zomer naar herfst verkleuren de bladeren."
- "Veel dieren passen hun gedrag aan bij de seizoenswisseling."
Synoniemen van seizoenswisseling
Veelgestelde vragen over seizoenswisseling
- Wat betekent seizoenswisseling?
- de overgang van het ene seizoen naar het andere
- Op welk taalniveau hoort seizoenswisseling?
- Het woord seizoenswisseling hoort bij taalniveau B2 volgens het Europees Referentiekader (CEFR).
- Wat zijn synoniemen van seizoenswisseling?
- Synoniemen van seizoenswisseling zijn: seizoensovergang, jaargetijdenwisseling.
- Is seizoenswisseling een de-woord of het-woord?
- Seizoenswisseling is een de-woord: de seizoenswisseling.
Alfabetisch
Gerelateerde woorden bij seizoenswisseling
deweek
zelfstandig naamwoord
Een periode van zeven opeenvolgende dagen
defebruari
zelfstandig naamwoord
De tweede maand van het jaar; de kortste maand
demaand
zelfstandig naamwoord
Een periode van ongeveer vier weken; het jaar is verdeeld in…
hetdecennium
zelfstandig naamwoord
een periode van tien jaar
deeeuw
zelfstandig naamwoord
een periode van honderd jaar
hetmillennium
zelfstandig naamwoord
een periode van duizend jaar; ook de overgang van een dergel…