Was dit nuttig?
hetplusgezin
zelfstandig naamwoord | Taalniveau: B1
een nieuw samengesteld gezin na scheiding
Voorbeeldzinnen met het woord plusgezin
- "In een plusgezin wonen kinderen van verschillende ouders samen."
- "Ze zijn een gelukkig plusgezin."
Synoniemen van plusgezin
Veelgestelde vragen over plusgezin
- Wat betekent plusgezin?
- een nieuw samengesteld gezin na scheiding
- Op welk taalniveau hoort plusgezin?
- Het woord plusgezin hoort bij taalniveau B1 volgens het Europees Referentiekader (CEFR).
- Wat zijn synoniemen van plusgezin?
- Synoniemen van plusgezin zijn: samengesteld gezin, nieuw gezin.
- Is plusgezin een de-woord of het-woord?
- Plusgezin is een het-woord: het plusgezin.
Alfabetisch
Gerelateerde woorden bij plusgezin
hetkind
zelfstandig naamwoord
Jong persoon; ook: de zoon of dochter van iemand
deoma
zelfstandig naamwoord
De moeder van je vader of moeder; grootmoeder
detante
zelfstandig naamwoord
De zus van je vader of moeder
debaby
zelfstandig naamwoord
Heel jong kind dat nog niet kan lopen of praten
degrootmoeder
zelfstandig naamwoord
moeder van je vader of moeder
hetgezin
zelfstandig naamwoord
Een groep van ouders en kinderen die samen wonen
Gerelateerde taaltips
Yankee: een Nederlands woord dat de wereld veroverde
Hoe Jan en Kees de naam gaven aan een heel volk
Kennen of weten: wat is het verschil?
Twee werkwoorden, één vertaling — leer wanneer je welk gebruikt
Voorkomen of verkomen? Zo gebruik je het goed
Leer de 3 betekenissen van voorkomen + een handig ezelsbruggetje