Hét woordenboek.nlWaar woorden betekenis krijgen
    Inloggen
    Was dit nuttig?

    departner

    zelfstandig naamwoord | Taalniveau: A2

    levenspartner, echtgenoot of vaste vriend

    Voorbeeldzinnen met het woord partner

    • "Ze woont samen met haar partner."
    • "Hij stelde zijn partner voor aan zijn ouders."

    Synoniemen van partner

    Veelgestelde vragen over partner

    Wat betekent partner?
    levenspartner, echtgenoot of vaste vriend
    Op welk taalniveau hoort partner?
    Het woord partner hoort bij taalniveau A2 volgens het Europees Referentiekader (CEFR).
    Wat zijn synoniemen van partner?
    Synoniemen van partner zijn: echtgenoot, levenspartner.
    Is partner een de-woord of het-woord?
    Partner is een de-woord: de partner.

    Delen

    Bladeren op letter