Hét woordenboek.nlWaar woorden betekenis krijgen
    Inloggen
    Was dit nuttig?

    marlineren

    werkwoord | Taalniveau: B1

    Voedsel in een mengsel onderdompelen om smaak toe te voegen

    Voorbeeldzinnen met het woord marlineren

    • "Marineer het vlees in citroensap."
    • "Laat het vlees enkele uren marineren."

    Idiomen

    • • vlees laten marineren in kruiden

    Vervoeging van marlineren

    Ik (nu) ik marineer
    Hij/zij (nu) hij/zij marineert
    Wij (nu) wij marineren
    Verleden tijd marineerde
    Voltooid deelw. gemarineerd
    Hulpwerkwoord hebben

    Veelgestelde vragen over marlineren

    Wat betekent marlineren?
    Voedsel in een mengsel onderdompelen om smaak toe te voegen
    Op welk taalniveau hoort marlineren?
    Het woord marlineren hoort bij taalniveau B1 volgens het Europees Referentiekader (CEFR).
    Hoe vervoeg je marlineren in de tegenwoordige tijd?
    In de tegenwoordige tijd vervoeg je marlineren als volgt: ik ik marineer, hij/zij hij/zij marineert, wij wij marineren.
    Wat is de verleden tijd van marlineren?
    De verleden tijd (enkelvoud) van marlineren is: marineerde.
    Wat is het voltooid deelwoord van marlineren?
    Het voltooid deelwoord van marlineren is: gemarineerd.
    Gebruik je hebben of zijn bij marlineren?
    Bij marlineren gebruik je het hulpwerkwoord "hebben".

    Delen

    Bladeren op letter