Hét woordenboek.nlWaar woorden betekenis krijgen
    Inloggen
    Was dit nuttig?

    installeren

    werkwoord | Taalniveau: B1

    software of een programma op een computer plaatsen zodat het gebruikt kan worden

    Voorbeeldzinnen met het woord installeren

    • "Hij installeerde de nieuwe beveiligingssoftware."
    • "Ze installeert het programma voor de eerste keer."

    Synoniemen van installeren

    Idiomen

    • • aan de slag gaan

    Vervoeging van installeren

    Ik (nu) installeer
    Hij/zij (nu) installeert
    Wij (nu) installeren
    Verleden tijd installeerde
    Voltooid deelw. geïnstalleerd
    Hulpwerkwoord hebben

    Veelgestelde vragen over installeren

    Wat betekent installeren?
    software of een programma op een computer plaatsen zodat het gebruikt kan worden
    Op welk taalniveau hoort installeren?
    Het woord installeren hoort bij taalniveau B1 volgens het Europees Referentiekader (CEFR).
    Wat zijn synoniemen van installeren?
    Synoniemen van installeren zijn: plaatsen, laden, instellen.
    Hoe vervoeg je installeren in de tegenwoordige tijd?
    In de tegenwoordige tijd vervoeg je installeren als volgt: ik installeer, hij/zij installeert, wij installeren.
    Wat is de verleden tijd van installeren?
    De verleden tijd (enkelvoud) van installeren is: installeerde.
    Wat is het voltooid deelwoord van installeren?
    Het voltooid deelwoord van installeren is: geïnstalleerd.
    Gebruik je hebben of zijn bij installeren?
    Bij installeren gebruik je het hulpwerkwoord "hebben".

    Delen

    Bladeren op letter