Hét woordenboek.nlWaar woorden betekenis krijgen
    Inloggen
    Was dit nuttig?

    dehuisarts

    zelfstandig naamwoord | Taalniveau: A2 | Verkleinwoord: het het huisartsje

    arts bij wie je terechtkomt voor algemene medische zorg

    Voorbeeldzinnen met het woord huisarts

    • "Ze gaat naar de huisarts voor haar keelpijn."
    • "De huisarts verwees haar door naar een specialist."

    Synoniemen van huisarts

    Idiomen

    • • Naar de huisarts gaan
    • • De huisarts raadplegen

    Veelgestelde vragen over huisarts

    Wat betekent huisarts?
    arts bij wie je terechtkomt voor algemene medische zorg
    Op welk taalniveau hoort huisarts?
    Het woord huisarts hoort bij taalniveau A2 volgens het Europees Referentiekader (CEFR).
    Wat zijn synoniemen van huisarts?
    Synoniemen van huisarts zijn: dokter, arts.
    Is huisarts een de-woord of het-woord?
    Huisarts is een de-woord: de huisarts.
    Wat is het verkleinwoord van huisarts?
    Het verkleinwoord van huisarts is: het het huisartsje.

    Delen

    Bladeren op letter