Was dit nuttig?
delen
werkwoord | Taalniveau: B1
een bestand of document beschikbaar stellen voor anderen
Voorbeeldzinnen met het woord delen
- "Ze deelde de presentatie via de cloudomgeving."
- "Hij deelde het rapport met zijn team via e-mail."
Synoniemen van delen
Idiomen
- • eerlijk delen of niet spelen
Vervoeging van delen
| Ik (nu) | deel |
| Hij/zij (nu) | deelt |
| Wij (nu) | delen |
| Verleden tijd | deelde |
| Voltooid deelw. | gedeeld |
| Hulpwerkwoord | hebben |
Veelgestelde vragen over delen
- Wat betekent delen?
- een bestand of document beschikbaar stellen voor anderen
- Op welk taalniveau hoort delen?
- Het woord delen hoort bij taalniveau B1 volgens het Europees Referentiekader (CEFR).
- Wat zijn synoniemen van delen?
- Synoniemen van delen zijn: versturen, verspreiden.
- Hoe vervoeg je delen in de tegenwoordige tijd?
- In de tegenwoordige tijd vervoeg je delen als volgt: ik deel, hij/zij deelt, wij delen.
- Wat is de verleden tijd van delen?
- De verleden tijd (enkelvoud) van delen is: deelde.
- Wat is het voltooid deelwoord van delen?
- Het voltooid deelwoord van delen is: gedeeld.
- Gebruik je hebben of zijn bij delen?
- Bij delen gebruik je het hulpwerkwoord "hebben".
Alfabetisch
Gerelateerde woorden bij delen
hetnetwerk
zelfstandig naamwoord
systeem van verbonden computers en apparaten die data uitwis…
deprivacy-instellingen
zelfstandig naamwoord
configuratie-opties waarmee je bepaalt wie je informatie kan…
debrowser
zelfstandig naamwoord
programma waarmee je websites op het internet kunt bekijken
debig data
zelfstandig naamwoord
enorme hoeveelheid digitale gegevens die te complex zijn voo…
hetdebuggen
zelfstandig naamwoord
het opsporen en verhelpen van fouten in software
derepository
zelfstandig naamwoord
opslagplaats voor broncode, vaak gecombineerd met versiebehe…
Gerelateerde taaltips
Yankee: een Nederlands woord dat de wereld veroverde
Hoe Jan en Kees de naam gaven aan een heel volk
Kennen of weten: wat is het verschil?
Twee werkwoorden, één vertaling — leer wanneer je welk gebruikt
Voorkomen of verkomen? Zo gebruik je het goed
Leer de 3 betekenissen van voorkomen + een handig ezelsbruggetje