Hét woordenboek.nlWaar woorden betekenis krijgen
    Inloggen
    Was dit nuttig?

    debruid

    zelfstandig naamwoord | Taalniveau: B1

    vrouw die gaat trouwen of net getrouwd is

    Voorbeeldzinnen met het woord bruid

    • "De bruid droeg een prachtige witte jurk."
    • "De bruid liep de kerk in op muziek."

    Synoniemen van bruid

    Veelgestelde vragen over bruid

    Wat betekent bruid?
    vrouw die gaat trouwen of net getrouwd is
    Op welk taalniveau hoort bruid?
    Het woord bruid hoort bij taalniveau B1 volgens het Europees Referentiekader (CEFR).
    Wat zijn synoniemen van bruid?
    Synoniemen van bruid zijn: aanstaande vrouw.
    Is bruid een de-woord of het-woord?
    Bruid is een de-woord: de bruid.

    Delen

    Bladeren op letter