Was dit nuttig?
borduren
werkwoord | Taalniveau: B2
een patroon of afbeelding naaiend op stof aanbrengen met gekleurde draden
Voorbeeldzinnen met het woord borduren
- "Ze borduurt haar initialen op het zakdoekje."
- "Het geborduurd jasje is met de hand gemaakt en erg kostbaar."
Idiomen
- • ergens op voortborduren (iets verder uitwerken op basis van een eerder idee)
Vervoeging van borduren
| Ik (nu) | ik borduur |
| Hij/zij (nu) | hij borduurt |
| Wij (nu) | wij borduren |
| Verleden tijd | borduurde |
| Voltooid deelw. | geborduurd |
| Hulpwerkwoord | hebben |
Veelgestelde vragen over borduren
- Wat betekent borduren?
- een patroon of afbeelding naaiend op stof aanbrengen met gekleurde draden
- Op welk taalniveau hoort borduren?
- Het woord borduren hoort bij taalniveau B2 volgens het Europees Referentiekader (CEFR).
- Wat zijn synoniemen van borduren?
- Synoniemen van borduren zijn: naaien, versieren, bewerken.
- Hoe vervoeg je borduren in de tegenwoordige tijd?
- In de tegenwoordige tijd vervoeg je borduren als volgt: ik ik borduur, hij/zij hij borduurt, wij wij borduren.
- Wat is de verleden tijd van borduren?
- De verleden tijd (enkelvoud) van borduren is: borduurde.
- Wat is het voltooid deelwoord van borduren?
- Het voltooid deelwoord van borduren is: geborduurd.
- Gebruik je hebben of zijn bij borduren?
- Bij borduren gebruik je het hulpwerkwoord "hebben".
Alfabetisch
Gerelateerde woorden bij borduren
trendy
bijvoeglijk naamwoord
in overeenstemming met de nieuwste mode of trends; modebewus…
hetkostuum
zelfstandig naamwoord
pak bestaande uit broek en jasje
demantel
zelfstandig naamwoord
lange jas voor dames
demouw
zelfstandig naamwoord
armgedeelte van een kledingstuk
hetboord
zelfstandig naamwoord
de rand van een kledingstuk rondom de hals of mouw
dejas
zelfstandig naamwoord
Zwaar bovenkleding dat je draagt als het koud of nat is