Was dit nuttig?
argumenteren
werkwoord | Taalniveau: B1
een standpunt onderbouwen met argumenten
Voorbeeldzinnen met het woord argumenteren
- "De leerlingen leerden hoe ze goed kunnen argumenteren."
- "Hij argumenteerde overtuigend voor zijn mening."
Synoniemen van argumenteren
Idiomen
- • sterk argumenteren
- • logisch argumenteren
Vervoeging van argumenteren
| Ik (nu) | ik argumenteer |
| Hij/zij (nu) | hij argumenteert |
| Wij (nu) | wij argumenteren |
| Verleden tijd | argumenteerde |
| Voltooid deelw. | geargumenteerd |
| Hulpwerkwoord | hebben |
Veelgestelde vragen over argumenteren
- Wat betekent argumenteren?
- een standpunt onderbouwen met argumenten
- Op welk taalniveau hoort argumenteren?
- Het woord argumenteren hoort bij taalniveau B1 volgens het Europees Referentiekader (CEFR).
- Wat zijn synoniemen van argumenteren?
- Synoniemen van argumenteren zijn: debatteren, beredeneren.
- Hoe vervoeg je argumenteren in de tegenwoordige tijd?
- In de tegenwoordige tijd vervoeg je argumenteren als volgt: ik ik argumenteer, hij/zij hij argumenteert, wij wij argumenteren.
- Wat is de verleden tijd van argumenteren?
- De verleden tijd (enkelvoud) van argumenteren is: argumenteerde.
- Wat is het voltooid deelwoord van argumenteren?
- Het voltooid deelwoord van argumenteren is: geargumenteerd.
- Gebruik je hebben of zijn bij argumenteren?
- Bij argumenteren gebruik je het hulpwerkwoord "hebben".
Alfabetisch
Gerelateerde woorden bij argumenteren
detekst
zelfstandig naamwoord
een reeks geschreven of gesproken woorden met een boodschap
devraag
zelfstandig naamwoord
een zin of uiting waarmee je om informatie vraagt
devrijstelling
zelfstandig naamwoord
ontheffing van de plicht om een les of vak te volgen
deaandacht
zelfstandig naamwoord
de geestelijke aanwezigheid en focus op iets
hetomega
zelfstandig naamwoord
de laatste letter van het Griekse alfabet; symbool voor het …
kritisch
bijvoeglijk naamwoord
met een analyserende en vragende houding
Gerelateerde taaltips
Yankee: een Nederlands woord dat de wereld veroverde
Hoe Jan en Kees de naam gaven aan een heel volk
Kennen of weten: wat is het verschil?
Twee werkwoorden, één vertaling — leer wanneer je welk gebruikt
Voorkomen of verkomen? Zo gebruik je het goed
Leer de 3 betekenissen van voorkomen + een handig ezelsbruggetje