Hét woordenboek.nlWaar woorden betekenis krijgen
    Inloggen
    Was dit nuttig?

    deafspraak

    zelfstandig naamwoord | Taalniveau: A2

    1zelfstandig naamwoord| Taalniveau: A2

    geplande ontmoeting op een bepaald tijdstip

    Voorbeeldzinnen met het woord afspraak

    • "Ze heeft een afspraak bij de dokter om drie uur."
    • "Hij vergat zijn afspraak bij de tandarts."

    Synoniemen van afspraak

    Idiomen

    • • Een afspraak nakomen
    • • Afspraak is afspraak
    2zelfstandig naamwoord| Taalniveau: B1

    overeenkomst of belofte tussen mensen over hoe iets gedaan wordt; regel waarover men het eens is

    Voorbeeldzinnen met het woord afspraak

    • "We hebben een afspraak dat iedereen om zeven uur thuis is."
    • "De afspraak was duidelijk: wie te laat is, betaalt de koffie."

    Synoniemen van afspraak

    Idiomen

    • • een afspraak nakomen — doen wat je beloofd hebt

    Veelgestelde vragen over afspraak

    Wat betekent afspraak?
    geplande ontmoeting op een bepaald tijdstip
    Op welk taalniveau hoort afspraak?
    Het woord afspraak hoort bij taalniveau A2 volgens het Europees Referentiekader (CEFR).
    Wat zijn synoniemen van afspraak?
    Synoniemen van afspraak zijn: meeting, bijeenkomst.
    Is afspraak een de-woord of het-woord?
    Afspraak is een de-woord: de afspraak.

    Delen

    Bladeren op letter