Hét woordenboek.nlWaar woorden betekenis krijgen
    Inloggen
    Was dit nuttig?

    deadventskalender

    zelfstandig naamwoord | Taalniveau: B1

    kalender met 24 vakjes voor de dagen voor Kerst

    Voorbeeldzinnen met het woord adventskalender

    • "Elke dag mocht hij een vakje van de adventskalender openen."
    • "De adventskalender telde af naar Kerstmis."

    Synoniemen van adventskalender

    Veelgestelde vragen over adventskalender

    Wat betekent adventskalender?
    kalender met 24 vakjes voor de dagen voor Kerst
    Op welk taalniveau hoort adventskalender?
    Het woord adventskalender hoort bij taalniveau B1 volgens het Europees Referentiekader (CEFR).
    Wat zijn synoniemen van adventskalender?
    Synoniemen van adventskalender zijn: december kalender.
    Is adventskalender een de-woord of het-woord?
    Adventskalender is een de-woord: de adventskalender.

    Delen

    Bladeren op letter