Hét woordenboek.nlWaar woorden betekenis krijgen
    Inloggen
    Was dit nuttig?

    deadventszondag

    zelfstandig naamwoord | Taalniveau: B2

    een van de vier zondagen voor Kerstmis

    Voorbeeldzinnen met het woord adventszondag

    • "Op de eerste adventszondag werd de kaars aangestoken."
    • "Ze vierden de adventszondag met rust en bezinning."

    Synoniemen van adventszondag

    Veelgestelde vragen over adventszondag

    Wat betekent adventszondag?
    een van de vier zondagen voor Kerstmis
    Op welk taalniveau hoort adventszondag?
    Het woord adventszondag hoort bij taalniveau B2 volgens het Europees Referentiekader (CEFR).
    Wat zijn synoniemen van adventszondag?
    Synoniemen van adventszondag zijn: adventstijd.
    Is adventszondag een de-woord of het-woord?
    Adventszondag is een de-woord: de adventszondag.

    Delen

    Bladeren op letter