Was dit nuttig?
deadventszondag
zelfstandig naamwoord | Taalniveau: B2
een van de vier zondagen voor Kerstmis
Voorbeeldzinnen met het woord adventszondag
- "Op de eerste adventszondag werd de kaars aangestoken."
- "Ze vierden de adventszondag met rust en bezinning."
Synoniemen van adventszondag
Veelgestelde vragen over adventszondag
- Wat betekent adventszondag?
- een van de vier zondagen voor Kerstmis
- Op welk taalniveau hoort adventszondag?
- Het woord adventszondag hoort bij taalniveau B2 volgens het Europees Referentiekader (CEFR).
- Wat zijn synoniemen van adventszondag?
- Synoniemen van adventszondag zijn: adventstijd.
- Is adventszondag een de-woord of het-woord?
- Adventszondag is een de-woord: de adventszondag.
Alfabetisch
Gerelateerde woorden bij adventszondag
depaasprocessie
zelfstandig naamwoord
Religieuze stoet die met Pasen door de straten trekt, veelal…
deTweede Paasdag
zelfstandig naamwoord
De maandag na Eerste Paasdag; een officiële nationale feestd…
dekerstbal
zelfstandig naamwoord
Ronde glanzende decoratiebel die aan de kerstboom wordt geha…
dekerstkaart
zelfstandig naamwoord
Wenskaart die mensen versturen tijdens de kerstperiode
dekerstvakantie
zelfstandig naamwoord
Schoolvakantie rond de kerstperiode, van eind december tot b…
dekerstpudding
zelfstandig naamwoord
traditioneel Brits dessert met kerst