Hét woordenboek.nlWaar woorden betekenis krijgen
    Inloggen
    Was dit nuttig?

    deuitverkoop

    zelfstandig naamwoord | Taalniveau: A2

    een periode waarbij producten met grote kortingen worden verkocht, vaak om voorraad op te ruimen

    Voorbeeldzinnen met het woord uitverkoop

    • "De uitverkoop na kerst trekt altijd grote mensenmenigtes naar de winkelstraten."
    • "Ze wachtte op de uitverkoop om de jas van haar verlanglijstje te kopen."
    • "De uitverkoop van het merk begon al weken voor de officiële datum via online lekken."
    • "Veel winkels gebruiken uitverkoop als marketingstrategie om new-season stock ruimte te maken."
    • "De eindejaarsuitverkoop is voor veel retailers de meest winstgevende periode van het jaar."

    Synoniemen van uitverkoop

    Idiomen

    • • in de uitverkoop gaan (afgedaan worden of niet meer gewild zijn)

    Waar komt het woord uitverkoop vandaan?

    Uitverkoop combineert uitverkopen (uitverkopen: volledig van de hand doen) en het zelfstandig naamwoord koop. Uitverkopen is samengesteld uit uit- (volledig) en verkopen. Historisch verwees uitverkoop naar het letterlijk leegverkopen van een winkel. Nu verwijst het naar geplande kortingsperiodes, ook wel sale of opruiming genoemd.

    Veelgestelde vragen over uitverkoop

    Wat betekent uitverkoop?
    een periode waarbij producten met grote kortingen worden verkocht, vaak om voorraad op te ruimen
    Op welk taalniveau hoort uitverkoop?
    Het woord uitverkoop hoort bij taalniveau A2 volgens het Europees Referentiekader (CEFR).
    Wat zijn synoniemen van uitverkoop?
    Synoniemen van uitverkoop zijn: opruiming, sale, koopjesuitverkoop.
    Is uitverkoop een de-woord of het-woord?
    Uitverkoop is een de-woord: de uitverkoop.

    Delen

    Bladeren op letter