Hét woordenboek.nlWaar woorden betekenis krijgen
    Inloggen
    Was dit nuttig?

    samenkomen

    werkwoord | Taalniveau: B1

    met anderen bijeenkomen op een plek

    Voorbeeldzinnen met het woord samenkomen

    • "De familie komt elk jaar samen met Kerst."
    • "We kwamen samen om het jubileum te vieren."

    Idiomen

    • • de neuzen dezelfde kant op

    Vervoeging van samenkomen

    Ik (nu) ik kom samen
    Hij/zij (nu) hij/zij komt samen
    Wij (nu) wij komen samen
    Verleden tijd kwam samen
    Voltooid deelw. samengekomen
    Hulpwerkwoord zijn

    Veelgestelde vragen over samenkomen

    Wat betekent samenkomen?
    met anderen bijeenkomen op een plek
    Op welk taalniveau hoort samenkomen?
    Het woord samenkomen hoort bij taalniveau B1 volgens het Europees Referentiekader (CEFR).
    Hoe vervoeg je samenkomen in de tegenwoordige tijd?
    In de tegenwoordige tijd vervoeg je samenkomen als volgt: ik ik kom samen, hij/zij hij/zij komt samen, wij wij komen samen.
    Wat is de verleden tijd van samenkomen?
    De verleden tijd (enkelvoud) van samenkomen is: kwam samen.
    Wat is het voltooid deelwoord van samenkomen?
    Het voltooid deelwoord van samenkomen is: samengekomen.
    Gebruik je hebben of zijn bij samenkomen?
    Bij samenkomen gebruik je het hulpwerkwoord "zijn".

    Delen

    Bladeren op letter