Was dit nuttig?
regenen
werkwoord | Taalniveau: A1
Het vallen van regen uit de lucht
Voorbeeldzinnen met het woord regenen
- "Het regent de hele dag."
- "Morgen gaat het regenen."
- "Ze blijft binnen omdat het regent."
Synoniemen van regenen
Idiomen
- • Het regent pijpenstelen
Vervoeging van regenen
| Ik (nu) | regent |
| Hij/zij (nu) | regent |
| Wij (nu) | regenen |
| Verleden tijd | regende |
| Voltooid deelw. | geregend |
| Hulpwerkwoord | hebben |
Veelgestelde vragen over regenen
- Wat betekent regenen?
- Het vallen van regen uit de lucht
- Op welk taalniveau hoort regenen?
- Het woord regenen hoort bij taalniveau A1 volgens het Europees Referentiekader (CEFR).
- Wat zijn synoniemen van regenen?
- Synoniemen van regenen zijn: neerslagen, miezerig zijn.
- Hoe vervoeg je regenen in de tegenwoordige tijd?
- In de tegenwoordige tijd vervoeg je regenen als volgt: ik regent, hij/zij regent, wij regenen.
- Wat is de verleden tijd van regenen?
- De verleden tijd (enkelvoud) van regenen is: regende.
- Wat is het voltooid deelwoord van regenen?
- Het voltooid deelwoord van regenen is: geregend.
- Gebruik je hebben of zijn bij regenen?
- Bij regenen gebruik je het hulpwerkwoord "hebben".
Alfabetisch
Gerelateerde woorden bij regenen
sneeuwen
werkwoord
Het vallen van sneeuw uit de lucht
warm
bijvoeglijk naamwoord
Met een hoge temperatuur; het tegenovergestelde van koud
dewolk
zelfstandig naamwoord
Massa van waterdruppeltjes of ijskristallen die in de lucht …
zonnig
bijvoeglijk naamwoord
met veel zon, helder weer
hetonweer
zelfstandig naamwoord
Hevig weer met bliksem en donder, vaak met hevige regen
dedooi
zelfstandig naamwoord
het smelten van ijs en sneeuw