Was dit nuttig?
depassagier
zelfstandig naamwoord | Taalniveau: A2
reiziger die vervoerd wordt in een vliegtuig, trein of bus
Voorbeeldzinnen met het woord passagier
- "Het vliegtuig heeft 180 passagiers aan boord."
- "De passagiers moeten een uur voor vertrek inchecken."
Synoniemen van passagier
Veelgestelde vragen over passagier
- Wat betekent passagier?
- reiziger die vervoerd wordt in een vliegtuig, trein of bus
- Op welk taalniveau hoort passagier?
- Het woord passagier hoort bij taalniveau A2 volgens het Europees Referentiekader (CEFR).
- Wat zijn synoniemen van passagier?
- Synoniemen van passagier zijn: reiziger, inzittende.
- Is passagier een de-woord of het-woord?
- Passagier is een de-woord: de passagier.
Alfabetisch
Gerelateerde woorden bij passagier
hetgevaarlijk kruispunt
zelfstandig naamwoord
kruispunt bekend om een hoog aantal verkeersongevallen
dewagen
zelfstandig naamwoord
Auto of kar (formeel).
dereiskosten
zelfstandig naamwoord
de kosten die gemaakt worden voor woon-werkverkeer
derijtest
zelfstandig naamwoord
praktijkexamen voor het rijbewijs
devoertuigregistratie
zelfstandig naamwoord
officiële registratie van een voertuig bij de overheid
debumper
zelfstandig naamwoord
beschermende balk aan de voor- of achterkant van een auto
Gerelateerde taaltips
Je kunt of je kan: wat is correct?
Beide vormen zijn goed, maar er is een belangrijk verschil
Me of mijn: wat is het verschil en wat is correct?
Twijfel je tussen ‘me’ en ‘mijn’? Zo gebruik je ze op de juiste manier.
100 basiswoorden Nederlands voor beginners
De belangrijkste woorden om te leren, per categorie met voorbeeldzinnen