Was dit nuttig?
ophalen
werkwoord | Taalniveau: A1
iemand ergens gaan halen met een vervoermiddel
Voorbeeldzinnen met het woord ophalen
- "Ze haalt haar vader op van het station."
- "Hij wordt elke dag opgehaald door zijn moeder."
Idiomen
- • zijn neus ophalen voor iets
- • herinneringen ophalen
Vervoeging van ophalen
| Ik (nu) | ik haal op |
| Hij/zij (nu) | hij/zij haalt op |
| Wij (nu) | wij halen op |
| Verleden tijd | haalde op |
| Voltooid deelw. | opgehaald |
| Hulpwerkwoord | hebben |
Veelgestelde vragen over ophalen
- Wat betekent ophalen?
- iemand ergens gaan halen met een vervoermiddel
- Op welk taalniveau hoort ophalen?
- Het woord ophalen hoort bij taalniveau A1 volgens het Europees Referentiekader (CEFR).
- Wat zijn synoniemen van ophalen?
- Synoniemen van ophalen zijn: halen, meenemen.
- Hoe vervoeg je ophalen in de tegenwoordige tijd?
- In de tegenwoordige tijd vervoeg je ophalen als volgt: ik ik haal op, hij/zij hij/zij haalt op, wij wij halen op.
- Wat is de verleden tijd van ophalen?
- De verleden tijd (enkelvoud) van ophalen is: haalde op.
- Wat is het voltooid deelwoord van ophalen?
- Het voltooid deelwoord van ophalen is: opgehaald.
- Gebruik je hebben of zijn bij ophalen?
- Bij ophalen gebruik je het hulpwerkwoord "hebben".
Alfabetisch
Gerelateerde woorden bij ophalen
hetgevaarlijk kruispunt
zelfstandig naamwoord
kruispunt bekend om een hoog aantal verkeersongevallen
stipt
bijvoeglijk naamwoord
precies op tijd, zonder vertraging
vol
bijvoeglijk naamwoord
met geen vrije plaatsen meer, volledig bezet
dewagen
zelfstandig naamwoord
Auto of kar (formeel).
dereiskosten
zelfstandig naamwoord
de kosten die gemaakt worden voor woon-werkverkeer
druk
bijvoeglijk naamwoord
met veel verkeer of mensen aanwezig