Was dit nuttig?
demond
zelfstandig naamwoord | Taalniveau: A1 | Verkleinwoord: het het mondje
1zelfstandig naamwoord| Taalniveau: A1
Opening in het gezicht waarmee je eet, drinkt en praat
Voorbeeldzinnen met het woord mond
- "Doe je mond open bij de tandarts."
- "Hij heeft een grote mond."
- "Kauw met je mond dicht."
Idiomen
- • Met de mond vol tanden staan
- • Iets in de mond stoppen
2zelfstandig naamwoord| Taalniveau: B1
de plek waar een rivier of kanaal uitmondt in een groter waterlichaam
Voorbeeldzinnen met het woord mond
- "De mond van de Rijn bij Rotterdam is een van de drukste havens ter wereld."
- "Aan de mond van de rivier lagen oude vissersbootjes aangemeerd."
Idiomen
- • Iemand de mond snoeren
- • Met de mond vol tanden staan
- • Uit de mond van iemand vallen
Veelgestelde vragen over mond
- Wat betekent mond?
- Opening in het gezicht waarmee je eet, drinkt en praat
- Op welk taalniveau hoort mond?
- Het woord mond hoort bij taalniveau A1 volgens het Europees Referentiekader (CEFR).
- Wat zijn synoniemen van mond?
- Synoniemen van mond zijn: bek, lippen.
- Is mond een de-woord of het-woord?
- Mond is een de-woord: de mond.
- Wat is het verkleinwoord van mond?
- Het verkleinwoord van mond is: het het mondje.
Alfabetisch
Gerelateerde woorden bij mond
hetoog
zelfstandig naamwoord
Zintuig waarmee je kunt zien
derug
zelfstandig naamwoord
Achterkant van het menselijk lichaam van schouders tot heupe…
detand
zelfstandig naamwoord
Hard wit botje in de mond waarmee je bijt en kauwt
deschouder
zelfstandig naamwoord
gewricht tussen arm en romp
dekop
zelfstandig naamwoord
Hoofd (informeler).
deknie
zelfstandig naamwoord
Gewricht in het midden van het been waarmee je het been buig…