Was dit nuttig?
lui
bijvoeglijk naamwoord | Taalniveau: A2
weinig bereid om moeite te doen of te werken; traag van aard
Voorbeeldzinnen met het woord lui
- "Een luie student haalt zelden de beste cijfers."
- "Hij was te lui om de afwas te doen na het koken."
Synoniemen van lui
Idiomen
- • lui als een zeug (buitengewoon lui en passief zijn)
- • lui achterover leunen (niet werken en er het beste van hopen)
Veelgestelde vragen over lui
- Wat betekent lui?
- weinig bereid om moeite te doen of te werken; traag van aard
- Op welk taalniveau hoort lui?
- Het woord lui hoort bij taalniveau A2 volgens het Europees Referentiekader (CEFR).
- Wat zijn synoniemen van lui?
- Synoniemen van lui zijn: laks, traag, gemakzuchtig.
Alfabetisch
Gerelateerde woorden bij lui
bescheiden
bijvoeglijk naamwoord
niet opschepperig over eigen prestaties; matig en terughoude…
dapper
bijvoeglijk naamwoord
moed tonend in gevaarlijke of moeilijke situaties; niet bang
levenslustig
bijvoeglijk naamwoord
vol energie en levensvreugde; enthousiast over het leven
precies
bijvoeglijk naamwoord
nauwkeurig; exact zoals het hoort te zijn; zonder fouten
groot
bijvoeglijk naamwoord
Van een omvang die meer is dan normaal
gewoon
bijvoeglijk naamwoord
niet bijzonder of uitzonderlijk; alledaags en normaal
Gerelateerde taaltips
Je kunt of je kan: wat is correct?
Beide vormen zijn goed, maar er is een belangrijk verschil
Me of mijn: wat is het verschil en wat is correct?
Twijfel je tussen ‘me’ en ‘mijn’? Zo gebruik je ze op de juiste manier.
100 basiswoorden Nederlands voor beginners
De belangrijkste woorden om te leren, per categorie met voorbeeldzinnen