Was dit nuttig?
dekassier
zelfstandig naamwoord | Taalniveau: A2 | Verkleinwoord: het het kassiertje
medewerker (man) bij de kassa die betalingen afhandelt
Voorbeeldzinnen met het woord kassier
- "De kassier scande de producten snel."
- "Hij werkt als kassier bij de supermarkt."
Synoniemen van kassier
Idiomen
- • De kassier roept
- • Achter de kassa staan
Veelgestelde vragen over kassier
- Wat betekent kassier?
- medewerker (man) bij de kassa die betalingen afhandelt
- Op welk taalniveau hoort kassier?
- Het woord kassier hoort bij taalniveau A2 volgens het Europees Referentiekader (CEFR).
- Wat zijn synoniemen van kassier?
- Synoniemen van kassier zijn: kassière (vrouwelijk).
- Is kassier een de-woord of het-woord?
- Kassier is een de-woord: de kassier.
- Wat is het verkleinwoord van kassier?
- Het verkleinwoord van kassier is: het het kassiertje.
Alfabetisch
Gerelateerde woorden bij kassier
debroekriem
zelfstandig naamwoord
riem waarmee een broek op zijn plaats wordt gehouden
defactuur
zelfstandig naamwoord
officieel document met een overzicht van geleverde producten…
dekassière
zelfstandig naamwoord
medewerker bij de kassa die betalingen afhandelt in een wink…
dewaardebon
zelfstandig naamwoord
een bon of coupon met een bepaalde geldwaarde die als betaal…
hetgeld
zelfstandig naamwoord
betaalmiddel in de vorm van munten of biljetten waarmee goed…
demarkt
zelfstandig naamwoord
openluchtplaats waar kooplieden producten te koop aanbieden,…
Gerelateerde taaltips
Je kunt of je kan: wat is correct?
Beide vormen zijn goed, maar er is een belangrijk verschil
Me of mijn: wat is het verschil en wat is correct?
Twijfel je tussen ‘me’ en ‘mijn’? Zo gebruik je ze op de juiste manier.
100 basiswoorden Nederlands voor beginners
De belangrijkste woorden om te leren, per categorie met voorbeeldzinnen