Was dit nuttig?
dekassa
zelfstandig naamwoord | Taalniveau: A1
toonbank in een winkel waar je betaalt
Voorbeeldzinnen met het woord kassa
- "Ga naar de kassa om te betalen."
- "Er is een lange rij bij de kassa."
Synoniemen van kassa
Idiomen
- • Aan de kassa afrekenen
- • De kassa rinkelt
Veelgestelde vragen over kassa
- Wat betekent kassa?
- toonbank in een winkel waar je betaalt
- Op welk taalniveau hoort kassa?
- Het woord kassa hoort bij taalniveau A1 volgens het Europees Referentiekader (CEFR).
- Wat zijn synoniemen van kassa?
- Synoniemen van kassa zijn: betaalrij.
- Is kassa een de-woord of het-woord?
- Kassa is een de-woord: de kassa.
Alfabetisch
Gerelateerde woorden bij kassa
deklomp
zelfstandig naamwoord
een schoen gemaakt van hout, traditioneel in Nederland
hetteken
zelfstandig naamwoord
iets wat wijst op of verwijst naar iets anders
deduidelijkheid
zelfstandig naamwoord
de eigenschap van iets wat helder en begrijpelijk is
dedreun
zelfstandig naamwoord
een harde, zware klap of een eentonig, bonkend geluid
hettijdstip
zelfstandig naamwoord
een bepaald moment op de dag
dedwerg
zelfstandig naamwoord
een buitengewoon klein menselijk wezen; ook: een fantasiewez…